My Yalp

BuitenSpelen: Sporten en bewegen onderdeel van stadsontwikkelingen

Yalp Academy

BuitenSpelen: Sporten en bewegen onderdeel van stadsontwikkelingen

“Functiescheiding is in stadsontwikkelingen in Nederland lang heel dominant geweest. Wonen, werken, maar ook sporten, spelen en bewegen werden uit elkaar getrokken”, aldus Daniel Casas Valle.

Casas Valle is stedenbouwkundig ontwerper en onderzoeker (Urban Dynamics) en specialist in ruimtelijke integratie van sport, spelen en bewegen in de stad. “Elke functie kreeg een eigen domein. Stadsontwikkelaars hebben echter afscheid genomen van dat ruimtelijk scheiden van functies en zetten steeds meer in op het mengen van functies. Dat heeft ook gevolgen voor sporten, spelen en bewegen. Deze activiteiten schuiven in elkaar en zijn een integraal onderdeel geworden van stadsontwikkelingen”, vervolgt Casas Valle.

“Je ziet dat terug in het beleid van de stad. Domeinen schuiven in elkaar en werken aan gedeelde ambities op gebied van bijvoorbeeld klimaatadaptatie, biodiversiteit, gezondheid, duurzaamheid en circulariteit, en sociale cohesie. Die beleidsterreinen hebben ook weer verbinding met sporten, spelen en bewegen.”

Activiteiten

Casas Valle promoveerde op het onderwerp ‘streets & urbanisation’. Aanhakend op dit onderwerp initieerde Casas Valle de serie webinars The Future Design of Streets, over de vraag: hoe ziet de straat van de toekomst eruit? Spelen en bewegen zijn terugkerende onderwerpen in de webinars. Net als sport in de stad, een thema dat Casas Valle goed kent. Met Vincent Kompier was hij initiator van ´Sport in the City´, een onderoek naar hoe sport en stad beter ruimtelijk en programmatisch aan elkaar te verbinden, onderbouwd met een overzicht vanr succesvolle en inspirerende inpassingen van sportvoorzieningen in een aantal Europese steden. Daarnaast nam hij deel aan het BNA ontwerponderzoek ´De Stad van de Toekomst´, waarbij het ruimtelijke scenario van de fitte stad is verkend.

Stedelijke omgeving

Op welke wijze kunnen, sport, spelen en bewegen optimaal in de stedelijke omgeving worden ingepast? Die vraag loopt als een rode draad door curriculum vitae van Casas Valle. “We zullen in stadsontwikkelingen anders moeten prioriteren. Te lang is de auto dominant geweest. We moeten de stad weer teruggeven aan de bewoners. Zet voetgangers bovenaan je lijstje, dan pas de fietsers en aan het eind de automobilist. Straten ontwikkelen zich zo tot plekken voor sociale interactie, een natuurlijke habitat voor sporten, spelen en bewegen.”

Casas Valle vervolgt: “ In de straat van de toekomst gaat het niet alleen om het creëren van prettige, inclusieve plekken maar ook om het realiseren van allerlei andere overheidsdoelstellingen. Zoals gezondheid, biodiversiteit, toegankelijkheid, klimaatadaptatie, en circulariteit. In de straat van de toekomst zijn dit geen obstakels maar juist aanleiding voor het creëren van bijzondere sport-, speel- en beweegaanleidingen. ” Voorwaarde is wel, zegt Casas Valle. “Dat domeinen die zich voorheen niet bemoeiden met stadontwikkelingen nu al in een vroeg stadium meepraten, net als ontwerpende disciplines. Op alle niveaus moet dat gremium van meet af aan inbreng hebben in de planvorming en de formulering van de opgave.”

Transformatie

Functiescheiding heeft zijn langste tijd gehad, benadrukt Casas Valle. Hij ziet dat terug in de trend om bestaande sportaccommodaties open te breken: “Terwijl sport zich heeft ontwikkeld tot een bezigheid die 24 uur per dag op heel veel plekken kan plaatsvinden, binnen én buiten, zijn traditionele sportaccommodaties vanuit de functiescheidingsgedachte ontwikkeld: uniform, monofunctioneel, weinig aantrekkelijk, en geïsoleerd. Ruimtelijk en organisatorisch zijn ze nauwelijks gemengd met andere programma ́s.

Omdat sport haar eilandfunctie aan het verliezen is – het sporten in clubverband maakt plaats voor individueel sporten, urban sports dienen zich aan, – wordt met een andere blik naar bestaande sportaccommodaties gekeken. Het streven is functiemenging – en intensivering van het gebruik : “Voor sportparken betekent dat een omslag. Zij gaan zich openstellen voor andere sporten, óók voor individuele en anders georganiseerde sporters. Ze ontwikkelen zich tot plekken waar ook scholen, buurt-initiatieven en bedrijven terecht kunnen. Sportparken worden toegankelijk gemaakt, met bijvoorbeeld doorgaande fietsroutes, kantines krijgen een buurthuisfunctie, scholen maken gebruik van sportvelden voor gymlessen.”

Matrikel no. 8

Veel gemeentes volgen die weg. Sommige doen dat al heel lang, zoals Amsterdam. Casas Valle werkte mee aan zo’n transformatieopgave in Amsterdam, o.a. aan de ruimtelijke verkenning van Laan van Spartaan (Amsterdam-West), en recent naar de sport en beweegmogelijkheden onder en rondom de Utrechtsebrug. Die laatste is erg interessant omdat daar de uitdaging is om binnen en buiten aan elkaar te koppelen. In de toolbox van Sport in the City zijn nog veel meer voorbeelden terug te vinden hoe je sport, spelen en bewegen koppelt aan andere beleidsdoelstellingen. Enthousiast is Casas Valle over Matrikel no. 8 in Kopenhagen, gelegen in een dichtbebouwde, negentiende-eeuwse buurt. “Deze straathuiskamer van de buurt Matrikel no. 8 laat zien dat je met minimale middelen veel kunt bereiken. Sport fungeert hier als drager voor ontmoeting.

Een deels verdiept basketbalveld wordt omgeven door witte, uit de grond oprijzende obstakels die geschikt zijn om te skaten, op te spelen of gewoon op te zitten. Het basketbalveld ligt naast het Indre By Medborgerhus Kulturhuset, met twee gymzalen en een danszaal, waarvan de deuren naar buiten toe open kunnen. Naast het Kulturhuset liggen gestapelde zeecontainers die dienst doen als oefenruimte voor muziekbands. Hoewel onderdeel van de openbare ruimte, wordt het plein ervaren als een sportplaats zonder dak. ’s Avonds om te toveren tot openlucht bioscoop maar altijd dynamisch en dat met heel weinig middelen. Je hebt maar weinig nodig om een goede sociale plekken te maken.”

Financiering

Matrikel no. 8 is volgens Casas Valle niet alleen een geslaagd voorbeeld van een integrale benadering van sport, spelen en bewegen. Ook de inbreng van expertise van buiten en de financiering van het project noemt hij bijzonder. Matrikel no.8 kreeg subsidie van de Danish Foundation for Culture and Sports Facilities, een sportfonds dat nieuwe sportontwikkelingen stimuleert en per jaar tien miljoen euro voor vernieuwende concepten beschikbaar stelt. Projecten moeten voldoen aan diverse criteria, zoals creativiteit in functie en activiteit, vernieuwende architectuur, ecologie, multifunctionaliteit, en betrokkenheid van de buurt. Belangrijke voorwaarde is dat de projecten niet commercieel zijn.

Danish Foundation for Culture and Sports Facilities werkt samen met de School of Architecture en Academy of Fine Arts van de Universiteit van Kopenhagen. Doel van deze samenwerking is om de architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit van bestaande en nieuwe sportvoorzieningen op een hoger plan te brengen. Kennis wordt ontwikkeld en gedeeld, onder meer over nieuwe sportvoorzieningen voor doelgroepen die nu te weinig sporten.